RRRauw!

Op jouw eerste sterfjaardag lees ik voor op Facebook. De geplande remembrance zeg ik af. Het lukt me niet voor familie, vrienden en dierbaren te staan. In onze huiskamer met ons verhaal voelt het samen. Jij en ik. Intiem zoals ik jou enkele dagen voor je dood heb voorgelezen. Na afloop huil ik tot ik helemaal koud ben. Ik word hyperbewust van de stilte die vanuit het eerste woord naar buiten vertrekt en ongemerkt op de tenen terug sluipt, naar binnen, om als getijde heen en weer te rollen. Ik kijk naar mezelf, zittend op de grond, ons boek in handen en spreek zacht de vraag uit die doorklinkt na tweeënvijftig weken rouw. Wat moet ik nu, D. Hoe kan ik verder? Het blijft stil. Ik ben te moe voor zo’n hangerige vraag en stuur het antwoord terug de toekomst in. Barna staat voor mijn rouwgrot met heartbreakers, bubbels en de remake van It. Griezelen schudt de dood misschien af net als wanneer je de hik hebt en iemand je laat schrikken. Ik moet wennen aan de moderne Pennywise die hazentanden heeft en zo bij Theo en Thea op de bune kan maar griezel toch een paar uur lekker weg. Het besef dat jij niet leeft, overvalt iedere dag opnieuw als een horror scene. Je bent opeens verdwenen. Zo voelt het. 

Enkele dagen na het voorlezen rijd ik naar je ouders en oma in Zeist om ons boek te geven. Oma vindt het prachtig. Zal ik wat voorlezen? vraag ik. Maar Oma geeft aan dat ze vast in slaap valt en giechelt er verontschuldigend bij. We drinken koffie terwijl ik vertel over de anderhalve maand die ik op Rumoro, het familiehuis in Spanje, ben geweest. Ssst, zegt Oma, er staat iemand voor de deur. Ze fluistert spannend alsof we opeens in een geriatrische thriller zijn beland. Het is vast de buurman, besluit ze. Hij heeft laatst twee mandarijntjes van de fruitschaal meegepakt! Ik loop op verzoek van Oma naar de voordeur om te kijken wie er staat als er wordt geklopt. Ik doe de deur open en krijg bijna de hand van een jonge vrouw in mijn maag gesplitst. Ik ben de psycholoog. Ze komt binnen, wisselt met Oma een nieuwe afspraak uit en loopt weg. Wie was dat dan? De psycholoog, zeg ik. Wat is dat? vraagt oma. Iemand die met u komt praten. Oooh, hihihihi, lacht ze, die is hier al eens geweest. 

Naast de onvoorstelbaar zachte berichten van lezers over groot verlies, de liefde en het leven zit mijn spambox sinds kort vol algoritmisch rake berichten. Christa, Claudia en Jessica schrijven dat meiden uit de buurt mij zoeken. Ik speel nog steeds verstoppertje in de rouwgrot waar ik met mijn rouwfurby – het hongerige monster dat tussen mij en het contact met de buitenwereld instaat – zit te Netflixen en waar deze meiden me hopelijk nooit vinden. Heleen laat herhaald weten dat meer seks voor het oprapen ligt. Ik heb op de lagere school de tafel van nul geleerd. Iets wat er niet is, blijft afwezig al vermenigvuldig je het met duizend-en-een-nacht. Klaar voor meer spanning? vraagt Patricia. Alsjeblieft niet. Mijn gevaar- en jaagsysteem is al zo op hol geslagen. Medium Amanda heeft een betere toekomst voor mij op de plank liggen en het aanbod voor een hardere (*) komt vast doordat ik Wiegman heet in plaats van Wiegmens. Doe mee en ontvang een chocoladereep. Alleen Verkade leest gedachten.

Op Netflix kijk ik Outlander. De serie vertelt over de tijdloze liefde tussen Jamie en Claire. Ik doof het geluid bij de bloederige momenten, warm de oortjes rood aan de liefdesscenes en zwijmel net zo weg bij Jamie als ik vroeger bij iedere tekenfilmprins en alle ze-gaan-bijna-zoenen-momenten deed. Het is voorspelbaar. Ik ben direct verliefd. Niet alleen omdat Jamie in elke scene zijn mannetje staat (zucht). Hij raakt vol mijn hart in één van de eerste afleveringen wanneer hij zegt dat hij Claire bij voorbaat al alles vergeeft. In seizoen drie (be)grijpt Claire me pas. Ze leeft in een andere tijd gescheiden van haar grote liefde, rouwt en verwoordt diep gemis. Met Jamie maakte ik deel uit van iets dat groter is dan ikzelf en precies daar verlang ik zo naar terug, bekent Claire ook namens mij. Ik kijk nog altijd voor de bank tv. Jij ligt achter me. Ik zit diep in seizoen vier als Jamie en Claire een plek vinden om samen opnieuw te beginnen. Het is onze droom die zij vervullen. Ik huil en breng automatisch mijn hand naar achter op de bank waar jouw hand rust en zeg, dat wil ik ook zo graag met jou, D. 

Ik bestel droomsap omdat ik nu anderhalf jaar vervelend droom, het in alle vier seizoenen licht zie worden en midden in de nacht wakker schrik omdat ik jou niet kan bereiken. Ik sta op onweer, vecht tegen de rusteloosheid en zit wild om me heen te kraaien op de bank bij mijn broer en schoonstezus. Jij komt nooit meer terug. Ik kan mijn draai in Arnhem niet vinden en ben wat Rumoro betreft overboden. Met droomsap slaap ik tot acht uur. Ik voel wel direct dat het niet honderd procent natuurlijk is, google de werkzame stof en zet de slaapmuts weg voor de hoogste nood. Terug naar de zelfzorg basis. Ik houd alles klein. Tussen de middag maak ik een quick & dirty Gado Gado met Javaanse pindasaus uit een kuipje van Conimex. Wanneer kook jij weer een keer, D? Als de K in de maand is, Switi! Ik herinner jouw legendarische lasagne waaraan je veel te laat begint zodat we uiteindelijk na twee lege flessen wijn tegen twaalf uur ‘s nachts aan tafel kunnen. Mijn emotionele bui tikt als een kookwekker terug. Ik zie onze grote pannen al zo lang onaangeroerd langs het raam hangen.

Rouw holt uit omdat het verdriet, de zwaarte, leegte, diepte en alles wat het is onverminderd zwaar voelt en het gebied rond mijn hart erodeert. Ik heb loden voeten, schoenzolen met aardmagneten maar wil zo graag vrij, luchtig en springerig door het leven bewegen. Je houdt me stevig in de greep alsof ik langzaam door de zwaarte van mijn magneetboots wegzak in een vreugdeloos bestaan. De rouwmeter slaat uit naar langdurige onrust, verscheurd voelen en grote vraagtekens. Ik zit ingebouwd door Koosje (rechts) en jouw foto (links) voor Netflix met pepernoten en warme chocolademelk. De kooi van Koosje staat open omdat Monty niet meer als Sylvester op mijn Tweety jaagt. Jij lacht me vanaf de foto toe. Ik ga rond tien uur slapen en schrik tussen drie en vijf op. Naarmate de dag vordert, neemt de onrust toe totdat ik door mijn actielijst ben, tot stilstand kom en jouw dood opnieuw als een een deur in mijn gezicht slaat. Het voelt nu al rauwer dan vorig jaar. Hoog tijd voor een nieuw jaar, een ander verhaal. 

Nu 2020 door de lucht dwarrelt, vraag ik me af of ik voor het eind van het jaar jouw kant van het bed vrijgeef. Dan kan ik misschien weer eens overdwarsig slapen. Ik ben benieuwd. Het voelt nog steeds te groot. Net als het opruimen van de kledingkast en het weggooien van jouw laatste verpakking havermout die ik altijd schilfers noem en waarbij ik, als jij in het pannetje staat te roeren, een vies gezicht trek omdat het beige eten is. Ik lees een bericht van Kim over het pak Bambix dat ze na de dood van haar vader maar niet weg kan gooien. Het stelt gerust. Ik doe bed, kast en schilfers wanneer ik eraan toe ben. Op 31 december vlieg ik naar Minna in Stockholm om het nieuwe jaar in te luiden. Ik pak twee dagen later de nachttrein naar Abisko, Zweeds Lapland om een week in die grote witte wereld te spelen. Misschien maak ik er een sneeuwschoenwandeling of huskytocht per slee. Ik heb behoefte aan een rouwreview, een nieuw plan en overview, ervaren dat alles met elkaar verbonden is. En misschien zie ik het noorderlicht weer. Het is het mooiste dat ik ooit heb ervaren. Op jouw liefde na. 

R O U W  verscheurt. Ik loop op blote voeten door het veld van oneindige mogelijkheden. De wind aait mijn vingertoppen. Als ik mijn ogen lang genoeg dichthoud, me gewonnen geef en de stilte alles omsluit, hoor ik diep in de grond zaadjes ontkiemen. Ik kan alleen naar binnen gaan, een cocon spinnen om rouw te verteren totdat het licht ontpopt en ik de vleugels vrijer uitsla. Bij Metropole draai jij Can’t take my eyes off you en ik denk aan jouw ogen, hoe je me die laatste weken aankeek. Liefde is onderdeel zijn van iets dat groter is dan ikzelf. Het is voelbaar als ik schrijf, masseer en onderweg ben samen met jou. 

RRRauw! is verkrijgbaar bij boekhandel Het Colofon en Hijman Ongerijmd in Arnhem, Jansen & De Feijter in Velp en in Groningen op de Grote Markt bij Van der Velde en boekhandel Riemer in de Ebbingestraat. Of bestel paperback (188 pagina’s), e-boek en luisterboek online via www.rrrauw.nl

RRRauw! in de media | maandag 9 december ben ik tussen 10 en 11 ‘Op de Koffie’, het radioprogramma van Sylvia Willems bij Omroep Gelderland. 

CARINA WIEGMAN (Groningen, 1972) reist, schrijft en geeft taoïstische buikmassage. Ze studeerde levensloop psychologie aan de Open Universiteit en woont in Arnhem. In 2004 loopt ze via een datingsite de liefde van haar leven so far tegen het lijf waarmee ze 15 jaar over de wereld zwerft. RRRauw! is haar debuutroman. Het vertelt het hilarisch ontroerende jaar van een kleurrijke rouwdouwer die je met de speed of love vanuit de veilige knuffelvortex van haar grot meesleept door een volle bak echte rouw en de liefde die met kwetsbare humor overeind blijft als twee geliefden in drie maanden tijd versneld samen oud worden.

Write a Reply or Comment

Your email address will not be published.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.